De Koolmees

Algemeen
De koolmees is een uitbundige zanger en beschikt over een veel uitgebreider
scala van geluiden dan andere mezen. Zijn meest gehoorde zang is een zagend,
dubbeltonig 'tic-tsjer, tic-tsjer, tic-tsjer' en een herhaald 'pie-toe, pie-toe,
pie-toe'. De meeste tonen klinken metaalachtig, alsof er met een hamertje op een
klein aambeeld wordt geslagen. De koolmees kent echter zodanig veel geluidjes
dat iedere roep altijd weer tot determinatieproblemen kan leiden.
Grootte lengte: 14 cm
Biotoop
De koolmees broedt overal waar bomen en struiken aanwezig zijn. Ze hebben een
voorkeur voor zomereiken en beuken en vermijden liever pure naaldbossen.
Voedsel
Het voedsel van de koolmees bestaat uit voorjaarsknoppen, vruchten, keukenafval,
zaden en bessen maar tijdens broedtijd schakelt hij over op insecten, larven en
andere kleine dieren. Ze pikken soms net zoals de Pimpelmees melkflessen open
als ze daartoe de kans krijgen. Om stukjes vet of kokosnoot te bemachtigen halen
ze alle mogelijke acrobatische toeren uit. Laat wintervoeding nooit te lang
hangen in uw tuin: mezen durven er in de lente nog al eens hun jongen mee
voederen met vaak hun dood tot gevolg.
Voortplanting
Het nest is een komvormig bouwsel van mos en wat gras, gevoerd met haar en dons.
Meestal bevindt het zich in een holte in een boom of een muur of op een
soortgelijk plekje, bijvoorbeeld in een nestkastje, een oude brievenbus of een
ongebruikte afvoerpijp. De 5 à 12 eieren worden door het wijfje in circa 2 weken
uitgebroed. Na een maand zijn de jongen zelfstandig. De koolmees begint eind
april te broeden en brengt zijn jongen hoofdzakelijk met rupsen van
nachtvlinders groot. Bij de jongen is het zwart van de volwassen dieren
bruinachtig, het gezicht geel en de buikstreep nog niet zo sterk ontwikkeld.
Gedrag
De koolmees is de grootste soort van de mezenfamilie en bij gelegenheid tevens
de meest agressieve en acrobatische. Hij terroriseert zijn zwakkere verwanten om
een stekje bij de voedertafel.
Kenmerken
Het mannetje heeft een opvallende, zwart-met-witte koptekening en een gele buik
met een naar achteren toe breder wordende middenstreep. Wijfjes zijn valer van
kleur dan mannetjes en hebben een minder duidelijke buikstreep. In vlucht toont
het mannetje de karakteristieke blauwgrijze, groene bovendelen en de witte
buitenste staartpennen.
Trek
Koolmezen kan je het gehele jaar te zien krijgen. Tijdens koude winters zijn er
soms invasies van hun noorderlijke collega's. Buiten het broedseizoen ziet men
koolmezen vaak samen met Pimpelmezen en Zwarte Mezen.
Aantallen
Niet bedreigd. Eén van de talrijkste bos- en tuinvogels.
bron:http://natuurbeleving.scene24.net/vogels/Koolmees_Parus-major.html